Translation of "Bind" into Dutch

binden, verbinden, inbinden are the top translations of "Bind" into Dutch.

bind verb noun grammar

That which binds or ties. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • binden

    verb

    connect [..]

    The objectives are nevertheless clear, scientifically justifiable, and binding and so will also be effective.

    De doelstellingen zijn niettemin duidelijk, wetenschappelijk te rechtvaardigen en bindend en ze zullen ook effectief zijn.

  • verbinden

    verb

    connect [..]

    Gravity binds the planets to the sun.

    De zwaartekracht verbindt de planeten met de zon.

  • inbinden

    door stevige omwikkeling bijeenhouden [..]

    Every large volume has problems with the binding.

    Ieder groot boek heeft problemen met het inbinden.

  • Less frequent translations

    • koppelen
    • vastbinden
    • knopen
    • vastmaken
    • aansluiten
    • aanknopen
    • samenbinden
    • vastleggen
    • fixeren
    • onderbinden
    • bijeenbinden
    • bevestigen
    • knevelen
    • aanbranden
    • tuigeren
    • meren
    • aanbinden
    • vastlopen
    • bepalen
    • vaststellen
    • een knoop leggen
    • afbinden
    • vastknopen
    • strekken
    • strikken
    • dichtknopen
    • inzwachtelen
    • zwachtelen
    • uitrekken
    • omzwachtelen
    • opwinden
    • verstoppen
    • spannen
    • nauwer aanhalen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "Bind" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "Bind"

Phrases similar to "Bind" with translations into Dutch

Add

Translations of "Bind" into Dutch in sentences, translation memory