Translation of "Vuur" into Dutch
vuur, vuur, brand are the top translations of "Vuur" into Dutch.
-
vuur
adjective noun verbhet zichtbare, voelbare en gasstroming en hoorbare verschijnsel dat optreedt als een brandbare stof een oxidatiereactie ondergaat bij hoge temperatuur
Dis gevaarlik om rondom die vuur te speel.
Het is gevaarlijk dicht bij het vuur te spelen.
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Vuur" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
-
vuur
noun neuterDe staat van ontbranding waarbij brandbaar materiaal brandt, en hitte, vlammen en vaak rook produceert. [..]
Dis gevaarlik om rondom die vuur te speel.
Het is gevaarlijk dicht bij het vuur te spelen.
-
brand
noun masculineEen ongewild en ongecontroleerd branden van materiaal. [..]
Wel, as julle nie die skool onbewaak gelaat het nie, sou daar nie'n vuur gewees het nie!
Als u de school niet had verlaten was er helemaal geen brand ontstaan!
-
afvuren
verbEk is trots daarop dat geen Getuie al ooit ’n koeël uit ’n masjiengeweer of ’n kanon gevuur het nie.
Ik ben er trots op dat geen enkele Getuige ooit een machinegeweer of een granaat heeft afgevuurd.
-
Less frequent translations
- vuurzee
- vuren
- fik
Images with "Vuur"
Phrases similar to "Vuur" with translations into Dutch
-
aan de gang brengen · afgaan · afrijden · afvuren · losbranden · op weg gaan · opstappen · starten · tijgen · uitlopen · uitvaren · vertrekken · weggaan · wegrijden · zich verwijderen