Translation of "bind" into Dutch

binden, verbinden, knopen are the top translations of "bind" into Dutch.

bind
+ Add

Afrikaans-Dutch dictionary

  • binden

    verb

    Sonder om hulle tot enigiets te verbind, probeer hulle vroue met hulle sjarme beïndruk.

    Zonder zich te willen binden, proberen ze vrouwen te charmeren door met hun gevoelens te spelen.

  • verbinden

    verb

    Op inisiatief van die koalisie sy al my sekuriteitskameras verbind met lyste van die regering.

    Op initiatief van de coalitie zijn al mijn beveiligingscamera's verbonden met de overheidslijsten.

  • knopen

    verb
  • Less frequent translations

    • aansluiten
    • vastbinden
    • vastmaken
    • onderbinden
    • samenbinden
    • inbinden
    • bepalen
    • aanbranden
    • aanknopen
    • bijeenbinden
    • fixeren
    • tuigeren
    • meren
    • aanbinden
    • vastleggen
    • vaststellen
    • bevestigen
    • een knoop leggen
    • strikken
    • dichtknopen
    • vastknopen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "bind" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "bind" with translations into Dutch

  • covalente binding
  • aanbinden · aanbranden · aanknopen · aansluiten · bepalen · bevestigen · binden · fixeren · meren · onderbinden · tuigeren · vastbinden · vastleggen · vastmaken · vaststellen · verbinden
  • binding
  • aaneenschakelen · aaneenvoegen · aansluiten · afstellen · bijdoen · bijeenbinden · bijeenbrengen · bijeenkomen · bijeenvoegen · bijmengen · bijvoegen · binden · inbinden · ineenzetten · instellen · passend maken · samenbinden · samenbrengen · samenkomen · samenstellen · toegeven · toevoegen · vastbinden · vastmaken · verbinden · verenigen · vergaderen · verstellen
  • ionaire binding
  • atoombinding · covalente binding
Add

Translations of "bind" into Dutch in sentences, translation memory