Translation of "oppas" into Dutch

oppassen, toezien, opletten are the top translations of "oppas" into Dutch.

oppas
+ Add

Afrikaans-Dutch dictionary

  • oppassen

    verb

    Maar ons moet oppas dat ons nie hardvogtig, ongevoelig of genadeloos word nie.

    We moeten wel oppassen dat we niet hardvochtig, ongevoelig of meedogenloos worden.

  • toezien

    verb
  • opletten

    verb
  • Less frequent translations

    • nakijken
    • surveilleren
    • checken
    • aflezen
    • controleren
    • regeren
    • besturen
    • heersen
    • acht slaan op
    • de scepter zwaaien
    • letten op
    • passen op
    • toezicht houden
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "oppas" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "oppas" with translations into Dutch

  • daarnet · daarstraks · exact · juist · net · pas · precies · redelijkerwijze · scherp · straks · terecht · vlak · zo-even · zojuist · zonet · zuiver
  • aanbrengen · aanpassen · accommoderen · adapteren
  • inpassen
  • toepassen
  • Noord-Nauw van Calais
  • pas
    aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · accepteren · alleen · bekleden · bepleisteren · enkel · kleden · maar · omkleden · ontvangen · opbrengen · opleggen · overtrekken · pas · passen · pleisteren · slechts · staan · stukadoren · uitsluitend
Add

Translations of "oppas" into Dutch in sentences, translation memory