Translation of "mand" into Dutch

man, echtgenoot, heer are the top translations of "mand" into Dutch.

mand noun common w grammar
+ Add

Danish-Dutch dictionary

  • man

    noun masculine

    volwassen mens van het mannelijke geslacht [..]

    Jeg køber sølvet af en mand som ejer en mine.

    Ik koop het zilver van een man die een mijn bezit.

  • echtgenoot

    noun masculine

    De mannelijke partner in een huwelijk of huwelijksrelatie.

    Min mand tjener 100.000 dollar om året.

    Mijn echtgenoot verdient honderdduizend dollar per jaar.

  • heer

    noun masculine

    Deres Kongelig Højhed, jeg har aldrig haft bedre mænd end disse individer, De ser her i dag.

    Koninklijke Hoogheid, nooit eerder had ik zulke bekwame rekruten als de heren die ik nu aan u voorstel.

  • Less frequent translations

    • gemaal
    • mens
    • kerel
    • vent
    • gast
    • gozer
    • manspersoon
    • gade
    • manmens
    • tsjongejonge
    • jongens
    • mannen
    • mannelijk
    • eega
    • amai
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "mand" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "mand"

Phrases similar to "mand" with translations into Dutch

Add

Translations of "mand" into Dutch in sentences, translation memory