Translation of "Repulsion" into Dutch
Repulsion, afkeer, afstoting are the top translations of "Repulsion" into Dutch.
Repulsion
-
Repulsion
Repulsion (band)
And That Will Be The End Of Repulsion Pictures!
En dat zou het einde van Repulsion betekenen.
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Repulsion" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
repulsion
noun
grammar
The act of repelling or the condition of being repelled. [..]
-
afkeer
noun masculineOh, so dancing with you is based on repulsion?
Oh, dus dansen met jou is gebaseerd op afkeer?
-
afstoting
nouneen kracht die twee voorwerpen zich van elkaar doet verwijderen.
So dancing with you is based on repulsion.
Dus dansen met je is op basis van afstoting.
-
walging
nounThe odd thing is, I should've been more repulsed by it.
Het gekke is dat ik meer walging had moeten voelen.
-
Less frequent translations
- tegenzin
- afwijzing
- terugslag
- weerzin
- repulsion
- repulsie
Phrases similar to "Repulsion" with translations into Dutch
-
HMS Repulse
-
terugdringen
-
afkeuren · afslaan · afstoten · afweer · afweren · afwijzen · braken · ciseleren · heruitzenden · het oneens zijn · kotsen · nee zeggen tegen · ontzenuwen · overgeven · retourneren · spugen · terugbezorgen · terugdringen · terugslaan · terugstoten · terugsturen · terugwijzen · uitdrijven · verdrijven · verdringen · verduwen · vergooien · verjagen · vertikken · verwerpen · vomeren · weerleggen · wegdrijven · wegdringen · wegduwen · weggooien · wegjagen · wegstoten · wegwerpen · weigeren · weigering · weren · wraken
-
aanstootgevend · abominabel · afgrijselijk · afschuwelijk · afstotelijk · afstotend · afzichtelijk · foeilelijk · gemeen · gruwelijk · hinderlijk · ijselijk · lelijk · misselijk · naargeestig · ongelegen · onguur · onplezierig · onprettig · onverkwikkelijk · ploertig · repulsief · rottig · schrikaanjagend · storend · verfoeilijk · verschrikkelijk · vervaarlijk · vreselijk · vuig · walgelijk · weerzinwekkend
-
afkeuren · afslaan · afstoten · afweer · afweren · afwijzen · braken · ciseleren · heruitzenden · het oneens zijn · kotsen · nee zeggen tegen · ontzenuwen · overgeven · retourneren · spugen · terugbezorgen · terugdringen · terugslaan · terugstoten · terugsturen · terugwijzen · uitdrijven · verdrijven · verdringen · verduwen · vergooien · verjagen · vertikken · verwerpen · vomeren · weerleggen · wegdrijven · wegdringen · wegduwen · weggooien · wegjagen · wegstoten · wegwerpen · weigeren · weigering · weren · wraken
-
aanstootgevend · abominabel · afgrijselijk · afschuwelijk · afstotelijk · afstotend · afzichtelijk · foeilelijk · gemeen · gruwelijk · hinderlijk · ijselijk · lelijk · misselijk · naargeestig · ongelegen · onguur · onplezierig · onprettig · onverkwikkelijk · ploertig · repulsief · rottig · schrikaanjagend · storend · verfoeilijk · verschrikkelijk · vervaarlijk · vreselijk · vuig · walgelijk · weerzinwekkend
-
aanstootgevend · abominabel · afgrijselijk · afschuwelijk · afstotelijk · afstotend · afzichtelijk · foeilelijk · gemeen · gruwelijk · hinderlijk · ijselijk · lelijk · misselijk · naargeestig · ongelegen · onguur · onplezierig · onprettig · onverkwikkelijk · ploertig · repulsief · rottig · schrikaanjagend · storend · verfoeilijk · verschrikkelijk · vervaarlijk · vreselijk · vuig · walgelijk · weerzinwekkend
Add example
Add