Translation of "abjurer" into Dutch

afzweerder, herroeper, verzaker are the top translations of "abjurer" into Dutch.

abjurer noun grammar

One who abjures. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • afzweerder

    masculine

    one who abjures

  • herroeper

    one who abjures

  • verzaker

    masculine

    one who abjures

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "abjurer" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "abjurer" with translations into Dutch

  • abjureren · afgelasten · afzweren · annuleren · desavoueren · hernemen · herroepen · loochenen · ontbinden · ontkennen · tenietdoen · terughalen · terugnemen · verloochenen · verwerpen · verzaken · verzaken aan een eed
  • Akte van Verlating · Plakkaat van Verlatinghe
  • abnegatie · afzwering · herroeping · ontkenning · verloochening · verzaking · zelfverloochening
  • abjureren · afgelasten · afzweren · annuleren · desavoueren · hernemen · herroepen · loochenen · ontbinden · ontkennen · tenietdoen · terughalen · terugnemen · verloochenen · verwerpen · verzaken · verzaken aan een eed
Add

Translations of "abjurer" into Dutch in sentences, translation memory