Translation of "abominable" into Dutch
afschuwelijk, abominabel, verfoeilijk are the top translations of "abominable" into Dutch.
Worthy of, or causing, abhorrence, as a thing of evil omen; odious in the utmost degree; very hateful; detestable; loathsome; execrable. [..]
-
afschuwelijk
adjectivehateful; detestable; loathsome [..]
Why did you have to break my heart with that abominable letter?
Waarom moest je mijn hart breken met die afschuwelijke brief?
-
abominabel
adjectivehateful; detestable; loathsome [..]
More than half of all Third World city dwellers live in such abominable conditions.
Meer dan de helft van alle bewoners van de Derde Wereld leeft in zulke abominabele omstandigheden.
-
verfoeilijk
adjectivehateful; detestable; loathsome
I don't understand how you can't see that this is an abomination!
Zie je dan niet hoe verfoeilijk dit is?
-
Less frequent translations
- afgrijselijk
- afstotelijk
- verschrikkelijk
- ijselijk
- walgelijk
- weerzinwekkend
- gemeen
- onaangenaam
- ploertig
- vuig
- misselijk
- onguur
- onsmakelijk
- rottig
- stuitend
- verachtelijk
- immoreel
- nietswaardig
- onzedelijk
- zedeloos
- zedenkwetsend
- infaam
- laaghartig
- schunnig
- laag
- honds
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "abominable" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "abominable" with translations into Dutch
-
abominatie · abomination · afgrijzen · afkeer · afschrik · afschuw · afschuwelijk iets · afstoting · aversie · degout · erschrikking · fi · griezel · gruwel · gruweldaad · haat · hekel · rottigheid · tegenzin · verschrikking · walg · walging · weerzin
-
een afschuw hebben van · een hekel hebben aan · een weerzin hebben tegen · gruwelen van · gruwen · haten · minachten · verachten · verafschuwen · verfoeien · versmaden · walgen van
-
verfoeien
-
verachter · verfoeier
-
afschuwelijk · gruwelijk · op afschuwelijke wijze
-
Verschrikkelijke Sneeuwman · verschrikkelijke sneeuwman · yeti
-
een afschuw hebben van · een hekel hebben aan · een weerzin hebben tegen · gruwelen van · gruwen · haten · minachten · verachten · verafschuwen · verfoeien · versmaden · walgen van
-
een afschuw hebben van · een hekel hebben aan · een weerzin hebben tegen · gruwelen van · gruwen · haten · minachten · verachten · verafschuwen · verfoeien · versmaden · walgen van