Translation of "accredited" into Dutch

geautoriseerd is the translation of "accredited" into Dutch.

accredited adjective verb grammar

Simple past tense and past participle of accredit. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • geautoriseerd

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "accredited" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "accredited" with translations into Dutch

  • Accreditatie · accreditatie · erkenning
  • accrediteren · toekennen
  • aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · accepteren · accrediteren · agnosceren · bekleden · bepleisteren · binnenlaten · collecteren · doorstaan · erkennen · geloven · genieten · goedvinden · het eens zijn · honoreren · houden voor · innen · inzamelen · kleden · krijgen · lijden · machtigen · menen · omkleden · ondergaan · ontvangen · oogsten · opbrengen · opleggen · overtrekken · pleisteren · plukken · rapen · staan · stukadoren · toedichten · toegeven · toekennen · toelaten · toeschrijven · toestemmen · toewijzen · toucheren · uitstaan · velen · verdragen · verzamelen · voor het gerecht dagen
  • aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · accepteren · accrediteren · agnosceren · bekleden · bepleisteren · binnenlaten · collecteren · doorstaan · erkennen · geloven · genieten · goedvinden · het eens zijn · honoreren · houden voor · innen · inzamelen · kleden · krijgen · lijden · machtigen · menen · omkleden · ondergaan · ontvangen · oogsten · opbrengen · opleggen · overtrekken · pleisteren · plukken · rapen · staan · stukadoren · toedichten · toegeven · toekennen · toelaten · toeschrijven · toestemmen · toewijzen · toucheren · uitstaan · velen · verdragen · verzamelen · voor het gerecht dagen
Add

Translations of "accredited" into Dutch in sentences, translation memory