Translation of "bring" into Dutch
brengen, bezorgen, aandragen are the top translations of "bring" into Dutch.
bring
Verb
verb
interjection
grammar
(baseball) To pitch, often referring to a particularly hard thrown fastball. [..]
-
brengen
verbto transport toward somebody/somewhere [..]
The daily newspaper brings the world's problems to the breakfast table.
De dagelijkse krant brengt de wereldproblemen naar de ontbijttafel.
-
bezorgen
verbWe're supposed to be married and Zach is bringing a kid?
Wij zijn getrouwd en Zach bezorgt ons een kind?
-
aandragen
verbIn anticipation of that, the Committee would like to bring forward some building blocks for this assessment.
Daarop vooruitlopend wil het Comité enkele bouwstenen aandragen voor deze evaluatie.
-
Less frequent translations
- aanvoeren
- meenemen
- meebrengen
- leiden
- geleiden
- voeren
- aanbrengen
- vergaderen
- medebrengen
- medenemen
- afhalen
- toevoeren
- besturen
- instellen
- halen
- bijeenbrengen
- sturen
- dragen
- bereiken
- resulteren
- voortvloeien
- voortkomen
- uitkomen
- voortspruiten
- inhalen
- uitlopen
- volgen
- voorleiden
- behalen
- uitgaan
- uittreden
- uitstappen
- uitstijgen
- belenden
- grenzen aan
- leiden tot
- reiken tot
- uitdraaien op
- uitlopen op
- bijdragen
- vervoeren
- toeschrijven
- contribueren
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "bring" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "bring"
Phrases similar to "bring" with translations into Dutch
-
Bring It On: In It to Win It
-
baren · berokkenen · bewerkstelligen · effectueren · induceren · leiden tot · teweegbrengen · tot stand brengen · veroorzaken · verwezenlijken
-
aanbrengen · aandragen · bezorgen · bijeenbrengen · brengen · medebrengen · medenemen · meebrengen · meenemen
Add example
Add