Translation of "cease" into Dutch

ophouden, stoppen, wijken are the top translations of "cease" into Dutch.

cease verb noun grammar

(formal, intransitive) To stop. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • ophouden

    verb

    transitive [..]

    We should never cease to marvel at these things.

    Wij mogen nooit ophouden ons over dit wonder te verbazen.

  • stoppen

    verb

    To have an end, in a temporal, spatial, or quantitative sense; either spatial or metaphorical.

    Admitted after a moderate bleed, further bleeding earlier today, now ceased.

    Opgenomen na een matige bloeding, verdere bloeding eerder op de dag, nu gestopt.

  • wijken

    verb noun

    keeps the guard closed and locked until the risk of injury from the hazardous machinery functions has ceased.

    de afscherming gesloten en vergrendeld houdt totdat het risico van verwonding door de gevaarlijke machinefuncties is geweken.

  • Less frequent translations

    • uitscheiden
    • aflaten
    • beëindigen
    • afsluiten
    • besluiten
    • afmaken
    • staken
    • eindigen
    • uitmaken
    • voleindigen
    • ophouden met
    • stilleggen
    • cesseren
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "cease" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "cease" with translations into Dutch

  • houd op en doe van afstand
  • ad patres gaan · de doodssnik geven · de eeuwigheid in gaan · de geest geven · de grote reis aanvaarden · de laatste adem uitblazen · de poeper dichtknijpen · de wereld verlaten · dood gaan · doodgaan · expireren · heengaan · het hoekje om gaan · het leven laten · inslapen · overlijden · sterven · verscheiden
  • ophouden
  • bestand · pauze · rust · staakt-het-vuren · wapenstilstand
  • onophoudelijk
  • leegbranden · opbranden · uitbranden · uitgaan
  • ophouden · stoppen · wegvallen · wijken
  • ophouden
Add

Translations of "cease" into Dutch in sentences, translation memory