Translation of "depart" into Dutch
vertrekken, afreizen, heengaan are the top translations of "depart" into Dutch.
depart
Verb
verb
noun
grammar
(intransitive) To leave; to set out on a journey. [..]
-
vertrekken
verbto leave [..]
When does the train depart?
Hoe laat vertrekt deze trein?
-
afreizen
Naar ergens anders gaan.
He departed for London the day before yesterday.
Eergisteren is hij naar Londen afgereisd.
-
heengaan
verbto die [..]
As Elijah departs, his rough mantle, his official garment, falls from him.
Bij Elia’s heengaan valt zijn ruige mantel, zijn ambtsgewaad, van hem af.
-
Less frequent translations
- weggaan
- verlaten
- op reis gaan
- zich verwijderen
- afwijken
- opstappen
- afvaren
- afgaan
- uitvaren
- wegrijden
- tijgen
- losbranden
- afrijden
- afvuren
- uitlopen
- starten
- aan de gang brengen
- op weg gaan
- wegtrekken
- sterven
- scheiden
- doodgaan
- ophoepelen
- wegreizen
- smeren
- uitwijken
- er vandoor gaan
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "depart" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "depart"
Phrases similar to "depart" with translations into Dutch
-
Capital
-
reinigingsdienst
-
Centre
-
Santa Ana
-
Departement van Justitie en Politie
-
San Vicente
-
O’Higgins
Add example
Add