Translation of "detestable" into Dutch

afschuwelijk, verfoeilijk, afgrijselijk are the top translations of "detestable" into Dutch.

detestable adjective grammar

Stimulating disgust or detestation; offensive; shocking. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • afschuwelijk

    adjective

    Arousing or meriting strong dislike, aversion, or intense displeasure.

    You know, sometimes you can't avoid the thing you want most, even if getting it is detestable.

    Soms kun je hetgeen dat je het meest wilt, niet ontwijken... zelfs als het verkrijgen ervan afschuwelijk is.

  • verfoeilijk

    adjective

    Arousing or meriting strong dislike, aversion, or intense displeasure.

    I had about half a dozen in my day, all detestable incubi.

    Ik had er zo ongeveer een half dozijn in mijn dagen, allen verfoeilijke ingebeelden.

  • afgrijselijk

    adjective

    Cease this detestable boohooing instantly or else seek the shelter of some other place of worship!

    Hou onmiddellijk op met dit afgrijselijke gejank... of zoek beschutting op'n andere plaats!

  • Less frequent translations

    • ploertig
    • ijselijk
    • vuig
    • rottig
    • abominabel
    • onguur
    • gemeen
    • verachtelijk
    • immoreel
    • nietswaardig
    • zedeloos
    • onzedelijk
    • zedenkwetsend
    • infaam
    • schunnig
    • laaghartig
    • laag
    • hatelijk
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "detestable" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "detestable" with translations into Dutch

  • afkeer hebben · een afschuw hebben van · een hekel hebben aan · een weerzin hebben tegen · gruwen · haten · minachten · verachten · verafschuwen · verfoeien · versmaden
  • haten
  • afgrijzen · afkeer · afschrik · afschuw · afstoting · aversie · degout · erschrikking · gruwel · haat · hekel · tegenzin · walg · walging · weerzin
  • verafschuwen · verfoeien
  • afkeer hebben · een afschuw hebben van · een hekel hebben aan · een weerzin hebben tegen · gruwen · haten · minachten · verachten · verafschuwen · verfoeien · versmaden
  • afgrijzen · afkeer · afschrik · afschuw · afstoting · aversie · degout · erschrikking · gruwel · haat · hekel · tegenzin · walg · walging · weerzin
Add

Translations of "detestable" into Dutch in sentences, translation memory