Translation of "examination" into Dutch

examen, onderzoek, keuring are the top translations of "examination" into Dutch.

examination noun grammar

A formal test involving answering written or oral questions with no or limited access to text books or the like. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • examen

    noun neuter

    formal test [..]

    I studied hard in order to pass the examination.

    Ik studeerde hard om het examen te halen.

  • onderzoek

    noun neuter

    Een sessie waarbij een product of stuk apparatuur wordt blootgesteld aan dagelijkse en/of extreme condities en het wordt beproefd voor zijn duurzaamheid, etc. [..]

    I have to examine you.

    Ik moet je onderzoeken.

  • keuring

    noun

    proces van het keuren

    This appropriation is intended to cover expenses for compulsory yearly medical examinations of the staff.

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten van de jaarlijkse verplichte medische keuring van de personeelsleden.

  • Less frequent translations

    • proefwerk
    • toets
    • ondervraging
    • controle
    • analyse
    • beschouwing
    • verhoor
    • kennisneming
    • tentamen
    • aanschouwing
    • huiswerk
    • nauwkeurig onderzoek
    • test
    • staatsexamen
    • doorlichting
    • schoolexamen
    • beproeving
    • proef
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "examination" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "examination"

Phrases similar to "examination" with translations into Dutch

  • lijkschouwing
  • forensisch arts
  • acht slaan op · aflezen · afspeuren · aftasten · analyseren · bekijken · bespieden · bestuderen · besturen · checken · controleren · de scepter zwaaien · doornemen · een enquête houden · examineren · exploreren · heersen · keuren · letten op · nagaan · nakijken · naspeuren · nauwkeurig onderzoeken · ondervragen · onderzoeken · opletten · oppassen · passen op · regeren · speuren · surveilleren · toezicht houden · toezien · uitvissen · uitzoeken · verhoren · verifiëren · visiteren · vorsen · wetenschappelijk onderzoeken · zoeken
  • herkansing
  • toelatingsexamen
  • kruisverhoor
  • vliegerarts
  • Rectaal toucher
Add

Translations of "examination" into Dutch in sentences, translation memory