Translation of "going out" into Dutch

uitgaan is the translation of "going out" into Dutch.

going out verb

Present participle of go out. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • uitgaan

    verb

    I didn't go out at all because you told me not to.

    Ik ben helemaal niet uitgegaan omdat je me zei dat ik het niet doen mocht.

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "going out" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "going out" with translations into Dutch

  • op stap gaan · stappen · uitgaan · uitkomen · uitlopen · uitstappen · uitstijgen · uittreden
  • aanbotsen · aandoen · aandraaien · aangeven · aanreiken · aansteken · afdalen · behalen · belenden · bereiken · bestijgen · besturen · brengen · buitengaan · buitenkomen · doneren · doorbrengen · doven · geduwd worden · geleiden · geven · grenzen aan · inhalen · inschakelen · klimmen · leiden · leiden tot · naar beneden gaan · naar boven gaan · naar buiten gaan · opbrengen · reiken tot · resulteren · rijzen · schakelen · schenken · stijgen · toebrengen · toekennen · uitdoven · uitdraaien op · uitgaan · uitkomen · uitlopen · uitlopen op · uitstappen · uitstijgen · uittreden · verdrijven · verlenen · voeren · volgen · voortkomen · voortspruiten · voortvloeien · weggaan · zich stoten · zinken
  • uit eten gaan
  • aanbotsen · aandoen · aandraaien · aangeven · aanreiken · aansteken · afdalen · behalen · belenden · bereiken · bestijgen · besturen · brengen · buitengaan · buitenkomen · doneren · doorbrengen · doven · geduwd worden · geleiden · geven · grenzen aan · inhalen · inschakelen · klimmen · leiden · leiden tot · naar beneden gaan · naar boven gaan · naar buiten gaan · opbrengen · reiken tot · resulteren · rijzen · schakelen · schenken · stijgen · toebrengen · toekennen · uitdoven · uitdraaien op · uitgaan · uitkomen · uitlopen · uitlopen op · uitstappen · uitstijgen · uittreden · verdrijven · verlenen · voeren · volgen · voortkomen · voortspruiten · voortvloeien · weggaan · zich stoten · zinken
Add

Translations of "going out" into Dutch in sentences, translation memory