Translation of "knock" into Dutch
kloppen, aankloppen, klap are the top translations of "knock" into Dutch.
knock
Verb
verb
noun
grammar
An abrupt rapping sound, as from an impact of a hard object against wood [..]
-
kloppen
noun verb neuterto rap one's knuckles against something [..]
One moment please, someone knocks on the door.
Een ogenblik alsjeblief. Er klopt iemand aan de deur.
-
aankloppen
noun verb neuterto rap one's knuckles against something [..]
May happiness knock on your door.
Moge het geluk aan je deur aankloppen.
-
klap
noun masculineimpact
For a man like Arnold, that must've been a bit of a knock.
Voor een man als Arnold, moet dat een klap zijn geweest.
-
Less frequent translations
- slaan
- klappen
- klop
- opvallen
- tik
- botsen
- slag
- raken
- stoot
- veeg
- klets
- meppen
- houwen
- beoordelen
- halen
- inslaan
- treffen
- teisteren
- kritiseren
- stoten
- keuren
- tikken
- bonzen
- schop
- mep
- terechtwijzen
- manen
- herwinnen
- aanbotsen
- beknorren
- choqueren
- flap
- houw
- kwetsen
- restitueren
- terugstorten
- vergelden
- herkrijgen
- berispen
- aanmanen
- terugbetalen
- aansporen
- verwijten
- aanstoot geven
- geduwd worden
- zich stoten
- duw
- aanstoten
- bekritiseren
- specht
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "knock" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "knock" with translations into Dutch
-
rondhangen · rondzwerven · uithangen
-
Slag bij de Hoofden
-
domino-effect
-
met x-benen · x-benen
-
X-benen
-
neerslaan · terugbrengen
-
X-benen
-
omrijden · omstoten · omver rijden · overhooplopen
Add example
Add