Translation of "knowing" into Dutch
geslepen, handig, listig are the top translations of "knowing" into Dutch.
knowing
adjective
noun
verb
grammar
Possessing knowledge or understanding; intelligent. [..]
-
geslepen
particleDo you know how many of them have given their lives just to drag it this far?
Velen van hen hebben hun leven gegeven om't alleen al hierheen te slepen.
-
handig
adjectiveIt would have been a great gift to know the outcome of this war.
De uitkomst van deze oorlog kennen zou handig zijn.
-
listig
adjectiveYou know, for all of his mischief, Kol truly is a master of his craft.
Hoewel Kol vol kattenkwaad zit, is hij een meesterlijk listig.
-
Less frequent translations
- op de hoogte van
- schrander
- veelbetekenend
- weten
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "knowing" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "knowing" with translations into Dutch
-
begrijpen · beheersen · bekend zijn met · beleven · ervaren · herkennen · kennen · kunnen · leren kennen · machtig zijn · onderscheiden · ondervinden · verstaan · weten
-
zoals je weet
-
alleen kinderen weten waar ze naar op zoek zijn," zei de kleine prins. ze verspillen tijd aan een voddenpop en het wordt erg belangrijk, en als we het wegnemen, huilen ze ...
-
je laten weten
-
I Know What You Did Last Summer
-
weten
-
Somewhere Only We Know
Add example
Add