Translation of "objector" into Dutch
opponent, tegenstander, aanvechter are the top translations of "objector" into Dutch.
objector
noun
grammar
A person who objects to something. [..]
-
opponent
noun -
tegenstander
noun masculineIts objectors do not even seem to have read the report.
De tegenstanders van het verslag lijken het niet eens te hebben gelezen.
-
aanvechter
Under this arrangement, the burden of proof to the contrary would lie with the objector.
Op grond van bovengenoemd uitgangspunt moet de aanvechter bewijzen dat een bepaald product géén bescherming geniet (omkering van de bewijslast).
-
Less frequent translations
- bezwaarmaker
- tegenspeler
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "objector" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "objector" with translations into Dutch
-
Dienstweigering
-
dienstweigeraar · gewetensbezwaarde
Add example
Add