Translation of "prize" into Dutch
prijs, premie, buit are the top translations of "prize" into Dutch.
That which is taken from another; something captured; a thing seized by force, stratagem, or superior power. [..]
-
prijs
noun masculinehonor or reward striven for in a competitive contest [..]
The prize was divided equally among the ten syndicate members.
De prijs werd gelijk verdeeld onder de tien leden van de vakbond.
-
premie
noun femininehonor or reward striven for in a competitive contest
It is a sure opportunity for advancement, for distinction, for prize money.
Het is een kans om je te onderscheiden, premies te vergaren.
-
buit
noun feminineanything captured using the rights of war [..]
We are going to march in and take the prize.
We marcheren naar binnen en pakken de buit.
-
Less frequent translations
- schatten
- beloning
- prijzen
- wrikken
- openwrikken
- hendel
- waarderen
- houden van
- mogen
- bekroond
- hoogachten
- achten
- taxeren
- begroten
- achting hebben voor
- achting toedragen
- hechten aan
- voordeel
- liefhebben
- beminnen
- aardig vinden
- prima
- op prijs stellen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "prize" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "prize" with translations into Dutch
-
architectuurprijs
-
Nobelprijs
-
Prijs van de Zweedse Rijksbank voor economie
-
Nobelprijs voor de Scheikunde
-
Nobelprijswinnaar
-
Francquiprijs
-
journalistieke prijs
-
Polar Music Prize