Translation of "run" into Dutch

rennen, lopen, hollen are the top translations of "run" into Dutch.

run adjective Verb verb noun grammar

(transitive) To make run in a race or an election. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • rennen

    verb

    to move quickly on two feet [..]

    If you'd run all the way, you would have gotten there in time.

    Als je het hele eind gerend had, was je er op tijd geweest.

  • lopen

    verb

    to move quickly on two feet [..]

    She tried to run as fast as she could.

    Ze probeerde zo snel te lopen als ze kon.

  • hollen

    verb

    Snel bewegen door afwisselend met beide voeten een sprong te maken.

    I didn't expect to see you running with the pack.

    Ik had niet gedacht dat u achter de meute zou aan hollen.

  • Less frequent translations

    • hardlopen
    • aanrijden
    • functioneren
    • vlucht
    • loop
    • werken
    • voorrijden
    • in zijn werk gaan
    • aanloop
    • uitvoeren
    • racen
    • ladder
    • leiden
    • snellen
    • het doen
    • reiken
    • zich uitstrekken
    • stromen
    • rit
    • rij
    • serie
    • reeks
    • reis
    • periode
    • vloeien
    • richting
    • voeren
    • verlopen
    • aflopen
    • smokkelen
    • werking
    • kandideren
    • wedloop
    • stroom
    • beurt
    • gelid
    • Run
    • beheerd
    • besturen
    • race
    • stroming
    • toerbeurt
    • halen
    • file
    • gelopen
    • gerend
    • varen
    • drijven
    • achtervolgen
    • onderduiken
    • toeloop
    • zeilen
    • duiken
    • lekken
    • najagen
    • wedren
    • klimmen
    • meedingen
    • opeenvolging
    • lek
    • vluchten
    • zinken
    • doorbreken
    • ren
    • luiden
    • run
    • volgorde
    • vervolgen
    • ontvluchting
    • vlieten
    • aaneenschakeling
    • beekje
    • geldig zijn
    • in de afgrond storten
    • loopje
    • stroompje
    • uitstapje
    • meedoen
    • rijgen
    • draven
    • galopperen
    • vieren
    • afgeven
    • smelten
    • in omloop zijn
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "run" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

Run
+ Add

English-Dutch dictionary

  • Run

    Run (Snow Patrol)

    It must be terribly difficult, running her household on her own after divorcing.

    Het moet enorm moeilijk voor haar zijn het huishouden alleen te runnen na de scheiding.

Images with "run"

Phrases similar to "run" with translations into Dutch

Add

Translations of "run" into Dutch in sentences, translation memory