Translation of "scalding" into Dutch

brandend, heet, kokendheet are the top translations of "scalding" into Dutch.

scalding adjective noun verb grammar

(of a liquid) Hot enough to burn. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • brandend

    adjective

    Isn't that the same temperature of the coffee that scalded you?

    Je hebt je toch eens gebrand aan koffie van die temperatuur?

  • heet

    adjective

    The flour which is scalded in order to make ‘salinātā rudzu rupjmaize’ is rye flour.

    Het meel dat geblancheerd wordt met heet water om „salinātā rudzu rupjmaize” te maken is roggemeel.

  • kokendheet

    adjective

    At a local restaurant, my youngest daughter was burned with scalding water.

    In een restaurant in onze woonplaats kreeg mijn jongste dochter kokendheet water over zich heen.

  • schroeiend

    adjective

    in the case of porcine animals, scalding, depilation, scraping and singeing

    in het geval van varkens, het broeien, het ontharen, het afschrapen en het schroeien

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "scalding" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "scalding" with translations into Dutch

  • aangrijpen · beetkrijgen · beetnemen · bemachtigen · bemerken · blancheren · branden · brandwond · brandwonde · confisqueren · gewaar worden · grijpen · halen · in beslag nemen · in kokend water doen · inslaan · konfiskeren · merken · met kokende vloeistof verwonden · pakken · raken · schroeien · teisteren · treffen · vangen · vastgrijpen · vastpakken · vatten · verbeurd verklaren · verbranden · vernemen · waarnemen · zich verbranden
  • aangrijpen · beetkrijgen · beetnemen · bemachtigen · bemerken · blancheren · branden · brandwond · brandwonde · confisqueren · gewaar worden · grijpen · halen · in beslag nemen · in kokend water doen · inslaan · konfiskeren · merken · met kokende vloeistof verwonden · pakken · raken · schroeien · teisteren · treffen · vangen · vastgrijpen · vastpakken · vatten · verbeurd verklaren · verbranden · vernemen · waarnemen · zich verbranden
  • aangrijpen · beetkrijgen · beetnemen · bemachtigen · bemerken · blancheren · branden · brandwond · brandwonde · confisqueren · gewaar worden · grijpen · halen · in beslag nemen · in kokend water doen · inslaan · konfiskeren · merken · met kokende vloeistof verwonden · pakken · raken · schroeien · teisteren · treffen · vangen · vastgrijpen · vastpakken · vatten · verbeurd verklaren · verbranden · vernemen · waarnemen · zich verbranden
  • aangrijpen · beetkrijgen · beetnemen · bemachtigen · bemerken · blancheren · branden · brandwond · brandwonde · confisqueren · gewaar worden · grijpen · halen · in beslag nemen · in kokend water doen · inslaan · konfiskeren · merken · met kokende vloeistof verwonden · pakken · raken · schroeien · teisteren · treffen · vangen · vastgrijpen · vastpakken · vatten · verbeurd verklaren · verbranden · vernemen · waarnemen · zich verbranden
Add

Translations of "scalding" into Dutch in sentences, translation memory