Translation of "settled" into Dutch
bedaard, bezadigd, gevestigd are the top translations of "settled" into Dutch.
settled
adjective
verb
grammar
Comfortable and at ease, especially after a period of change or unrest. [..]
-
bedaard
adjective particle adverbYou can try again, once things settle down.
Je kan opnieuw proberen, als de gemoederen wat bedaard zijn.
-
bezadigd
-
gevestigd
particleAt least till I find someplace to settle down.
Tot ik een plek vind om me te vestigen.
-
Less frequent translations
- vast
- afgehandeld
- bevolkt
- bewoond
- bezegeld
- verrekend
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "settled" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "settled" with translations into Dutch
-
bezinkingstank
-
afrekenen
-
inklinken · verzakking · vestiging
-
nestelen · tot rust komen
-
slikbezinkingsvijver
-
aandoen · aanrichten · accommoderen · afdoen · afhandelen · afnemen · afrekenen · afspreken · afwikkelen · beklinken · belezen · beslechten · beslissen · besluiten · betalen · bevolken · bewegen · bezinken · bijleggen · de weg wijzen · determineren · doen besluiten · gaan liggen · gaan zitten · geleiden · inrichten · klaren · koloniseren · leiden · nauwkeurig bepalen · neerdalen · neerstrijken · ophelderen · oplossen · opruimen · overeenkomen · overhalen · regelen · reglementeren · reguleren · rondleiden · ruimen · schikken · settelen · stemmen · stichten · terechtbrengen · teweegbrengen · tot bedaren brengen · tot rust komen · tot zinken brengen · uitmaken · vereffenen · veroorzaken · verrekenen · verzakken · vestigen · zich vestigen · zich voornemen
-
settling basin
-
inklinking
Add example
Add