Translation of "stand" into Dutch
staan, opstaan, kraam are the top translations of "stand" into Dutch.
stand
verb
noun
grammar
(intransitive) To be upright, support oneself on the feet in an erect position. [..]
-
staan
verbto remain motionless [..]
Are you just going to stand there all day?
Ga je daar de hele dag blijven staan?
-
opstaan
verbto rise to one’s feet [..]
Everybody stop what you're doing, stand up, and follow me in the library.
Iedereen stopt met werken, opstaan en volg me naar de bibliotheek.
-
kraam
noun neuter n;c neuter;commonsmall building or booth [..]
Both the butcher shop and t he food stands at the fair were totally clean.
Bij de poelier en de kramen is niks aangetroffen.
-
Less frequent translations
- uitstaan
- stand
- verdragen
- standplaats
- doorstaan
- weerstaan
- loods
- positie
- schuur
- standpunt
- keet
- neerzetten
- statief
- overeind
- huisje
- zetten
- stellen
- tent
- gaan staan
- stalletje
- staander
- stilstand
- mening
- sokkel
- visie
- zienswijze
- opinie
- stelling
- bosschage
- houding
- dunk
- zich voordoen
- uitkomen
- dulden
- verschijnen
- stellage
- stilstaan
- tribune
- liggen
- stel
- velen
- opspringen
- harden
- kraampje
- opdraven
- stond
- opdagen
- stander
- podium
- verzet
- arrest
- te voorschijn komen
- uithouden
- pikken
- weerstand
- gelden
- plaatsen
- advies
- aanzien
- rek
- bank
- tolereren
- tegenstand
- ondersteunen
- toelaten
- ezel
- werkbank
- bok
- oponthoud
- standaard
- stopplaats
- tegenkanting
- halte
- tegenspartelen
- tegenstreven
- tegenweer
- pleisterplaats
- schraag
- hapering
- raadgeving
- hebben
- aanstelling
- rechtstaan
- overeind zetten
- zich verzetten
- tafel
- gedogen
- verduren
- dragen
- ondergaan
- gueridon
- piëdestal
- pronktafeltje
- lijden
- recht springen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "stand" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "stand"
Phrases similar to "stand" with translations into Dutch
-
behouden · bergen · bewaren · bijstaan · conserveren · doorgaan · dragen · klaarstaan · onderhouden · ondersteunen · overhouden · reserve · ruggesteunen · schoren · schragen · steun · steunen · ter zijde staan · verder gaan met · vervolgen · voortgaan · voortzetten
-
aflossen · de plaats innemen van · in de plaats stellen van · inboeten · inspringen · vervangen
-
De beproeving
Add example
Add