Translation of "tether" into Dutch
binden, vastmaken, aanbinden are the top translations of "tether" into Dutch.
tether
verb
noun
grammar
(by extension) the limit of one's abilities, resources etc [..]
-
binden
verbto restrict something with a tether
Charlotte Piel is tethered to an attending until further notice.
Charlotte Piel is gebonden aan een specialist tot nader order.
-
vastmaken
verbto restrict something with a tether
But I need you to stop staring and help me with the tether.
Maar houd op met staren en help me met vastmaken.
-
aanbinden
verbMarkets or assembly centres shall provide equipment for tethering animals when necessary.
Markten of verzamelcentra dienen, zo nodig, voorzieningen te verstrekken voor het aanbinden van de dieren.
-
Less frequent translations
- vastbinden
- touw
- vastleggen
- tuigeren
- onderbinden
- meren
- ketting
- bevestigen
- kabel
- lijn
- verbinden
- snoer
- aansluiten
- einde
- fixeren
- aanbranden
- limiet
- aanknopen
- grens
- vaststellen
- bepalen
- enkelband
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "tether" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "tether"
Add example
Add