Translation of "bien" into Dutch

goed, bezitting, zeer are the top translations of "bien" into Dutch.

bien noun adverb masculine grammar

à un degré considérablement plus haut [..]

+ Add

French-Dutch dictionary

  • goed

    noun neuter

    iets concreets of abstracts dat men in bezit kan hebben [..]

    C'est un endroit aussi bien que n'importe quel autre.

    Het is een plaats die zo goed is als iedere andere.

  • bezitting

    noun feminine

    Quand un nouveau participant arrive, nous devons évaluer ses biens avant qu'ils puissent les récupérer.

    Als er een nieuwe deelnemer arriveert, moeten we hun persoonlijke bezittingen evalueren voor het kan worden teruggegeven.

  • zeer

    adverb

    Beaucoup, fortement, très.|2

    Ces cartes représentent aussi bien des territoires importants que des lieux géographiques restreints.

    Deze kaarten geven zowel grotere gebieden weer als zeer gedetailleerde geografische gebieden.

  • Less frequent translations

    • landgoed
    • bezit
    • boerderij
    • heel
    • oké
    • ja
    • erg
    • terdege
    • jawel
    • bijzonder
    • wel
    • juist
    • vermogen
    • vastgoed
    • waarde
    • bijster
    • nu goed
    • hoewel
    • goede
    • ofschoon
    • nou
    • weliswaar
    • prima
    • mooi
    • alhoewel
    • activa
    • waar
    • welnu
    • put
    • waterput
    • iets goeds
    • best
    • activum
    • ejgendom
    • chine
    • goedkeuring
    • gek zijn op
    • groen licht
    • houden van
    • in een goede gezondheid
    • in orde
    • vrij goed
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "bien" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "bien"

Phrases similar to "bien" with translations into Dutch

Add

Translations of "bien" into Dutch in sentences, translation memory