Translation of "marcher" into Dutch
lopen, marcheren, wandelen are the top translations of "marcher" into Dutch.
marcher
verb
grammar
Se dérouler correctement, comme espéré ou attendu. [..]
-
lopen
verbstappen, gaan [..]
Ils ont escaladé les plus hauts sommets et marché sur le fond des mers.
Ze hebben de hoogste bergen beklommen en op de bodem van de zee gelopen.
-
marcheren
verbMarcher avec des pas longs et réguliers, comme les soldats.
Nous avons marché toute la journée et nous nous sommes battus.
We marcheerden de hele dag en wij hebben gevochten.
-
wandelen
verbNous avons marché au bord de la Tamise.
We wandelden langs de oevers van de Thames.
-
Less frequent translations
- gaan
- stappen
- tippelen
- functioneren
- werken
- wandeling
- bewandelen
- schrijden
- slenteren
- waden
- flodderen
- spankeren
- plassen
- het doen
- zich vertreden
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "marcher" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "marcher"
Phrases similar to "marcher" with translations into Dutch
-
Gay Pride Parade
-
markt van basisproducten
-
marktvorm
-
goedkoop is duurkoop
-
marktfalen
-
MiFID
Add example
Add