Translation of "amplia" into Dutch

uitbouwen, uitbreiden, vergroten are the top translations of "amplia" into Dutch.

amplia
+ Add

Papiamento-Dutch dictionary

  • uitbouwen

    noun
  • uitbreiden

    verb

    Kon personanan ku no por muda bai un otro pais por amplia nan sirbishi den nan mes pais?

    Hoe zouden degenen die niet in de gelegenheid zijn te verhuizen, hun bediening plaatselijk kunnen uitbreiden?

  • vergroten

    verb

    Nos tin ku sigui amplia nos komprondementu di e bèrdat i profundisá nos amor pa Yehova.

    We moeten ons begrip van de waarheid en onze liefde voor Jehovah blijven vergroten.

  • Less frequent translations

    • afwikkelen
    • besmeren
    • doorsmeren
    • ontrollen
    • ontvouwen
    • ophouden
    • rekken
    • smeren
    • spreiden
    • strekken
    • uitrollen
    • uitspreiden
    • uitsteken
    • uitstrekken
    • verdunnen
    • versnijden
    • verwateren
    • aangroeien
    • aanwassen
    • gedijen
    • groeien
    • meer gaan betalen
    • oprekken
    • opslag geven
    • stijgen
    • toenemen
    • uitleggen
    • vermeerderen
    • verruimen
    • verwijden
    • wassen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "amplia" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
Add

Translations of "amplia" into Dutch in sentences, translation memory