Translation of "hasi" into Dutch

doen, aanleggen, aanmaken are the top translations of "hasi" into Dutch.

hasi
+ Add

Papiamento-Dutch dictionary

  • doen

    verb

    een actie ondernemen

    Tur kos ku Dios a hasi ta mustra ku e tin amor.

    Aan alles wat God heeft gedaan, kunnen we zien dat hij van ons houdt.

  • aanleggen

    verb

    Na 1953, outoridatnan a asigná ami ku algun otro Testigu pa traha un pista di aterisahe militar, lokual nos a nenga di hasi.

    In 1953 moesten enkele andere gedetineerde Getuigen en ik meehelpen met de aanleg van een militair vliegveld.

  • aanmaken

    verb
  • Less frequent translations

    • bedrijven
    • bouwen
    • construeren
    • fitten
    • installeren
    • maken
    • uitbrengen
    • uitrichten
    • uitvoeren
    • leggen
    • plaatsen
    • poseren
    • situeren
    • stationeren
    • steken
    • stellen
    • stoppen
    • zetten
    • zitten
    • ageren
    • bezig zijn
    • effect sorteren
    • fabriceren
    • handelen
    • laten
    • laten doen
    • opereren
    • optreden
    • te werk gaan
    • uitwerken
    • uitwerking hebben
    • vervaardigen
    • werken
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "hasi" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate

Phrases similar to "hasi" with translations into Dutch

Add

Translations of "hasi" into Dutch in sentences, translation memory