Translation of "farmer" into Dutch

boer, landbouwer, agrariër are the top translations of "farmer" into Dutch.

farmer noun masculine

roln. właściciel lub dzierżawca farmy w krajach anglosaskich

+ Add

Polish-Dutch dictionary

  • boer

    noun masculine

    Een persoon die de grond bewerkt of een veestapel bezit, vooral op een boerderij.

    Mówię ci, ci interesowni farmerzy mają trochę zszargane nerwy.

    Ik zeg je, wat een brutaliteit van die boer om nu op te splitsen.

  • landbouwer

    noun masculine

    Een persoon die de grond bewerkt of een veestapel bezit, vooral op een boerderij.

    Ciekawe, jak bardzo spodoba ci się życie farmera.

    Ik vraag me af hoeveel je zult genieten als landbouwer.

  • agrariër

    Een persoon die de grond bewerkt of een veestapel bezit, vooral op een boerderij.

    W swoim życiu byłem farmerem i ojcem dużej rodziny.

    Ik ben agrariër geweest en vader van een groot gezin.

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "farmer" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "farmer"

Phrases similar to "farmer" with translations into Dutch

Add

Translations of "farmer" into Dutch in sentences, translation memory