Translation of "absolver" into Dutch

vergeven, vrijspreken, absolveren are the top translations of "absolver" into Dutch.

absolver verb grammar

Pronunciar inocente de queixas-crime.

+ Add

Portuguese-Dutch dictionary

  • vergeven

    verb

    Vergiffenis schenken of kwijtschelden ( van zonde).

    Não há confissão que possa absolver você disso.

    Er is geen bekentenis dat jou hiervan kan vergeven.

  • vrijspreken

    verb

    Niet schuldig veklaren van criminele aanklachten.

    Foi advogado de si mesmo em um julgamento de assassinato e foi absolvido.

    Hij was zijn eigen advocaat in'n moordproces en werd vrijgesproken.

  • absolveren

    Vergiffenis schenken of kwijtschelden ( van zonde). [..]

  • Less frequent translations

    • de absolutie geven
    • kwijtschelden
    • afbetalen
    • vereffenen
    • verrekenen
    • vrijpleiten
    • verlossen
    • gratiëren
    • dechargeren
    • releveren
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "absolver" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate
Add

Translations of "absolver" into Dutch in sentences, translation memory