Translation of "causar" into Dutch

veroorzaken, teweegbrengen, aanrichten are the top translations of "causar" into Dutch.

causar verb grammar
+ Add

Portuguese-Dutch dictionary

  • veroorzaken

    verb

    Naar aanleiding van, oorzaak van het gebeuren of het zich voordoen, niet altijd opzettelijk. [..]

    O terremoto causou um tsunami de grandes proporções.

    De aardbeving veroorzaakte een tsunami van enorme omvang.

  • teweegbrengen

    verb

    Naar aanleiding van, oorzaak van het gebeuren of het zich voordoen, niet altijd opzettelijk. [..]

    Os processos económicos desequilibrados podem comprometer a paz e a estabilidade e causar migrações em larga escala.

    Onevenwichtige economische processen kunnen de vrede en stabiliteit bedreigen en grootschalige migratiestromen teweegbrengen.

  • aanrichten

    verb

    Naar aanleiding van, oorzaak van het gebeuren of het zich voordoen, niet altijd opzettelijk. [..]

    Bem, você pode causar sérios danos em um banheiro.

    Nou, jij kunt in een badkamer behoorlijk wat aanrichten.

  • Less frequent translations

    • aandoen
    • stichten
    • houden
    • beleggen
    • uitschrijven
    • oorzaak
    • uitlokken
    • plaatsen
    • bewegen
    • vereenzelvigen
    • belezen
    • determineren
    • stationeren
    • bemiddelen
    • overhalen
    • situeren
    • uitreiken
    • identificeren
    • verschaffen
    • leggen
    • verstrekken
    • doen besluiten
    • leiden tot
    • nauwkeurig bepalen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "causar" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "causar" with translations into Dutch

Add

Translations of "causar" into Dutch in sentences, translation memory