Translation of "servir" into Dutch
dienen, bedienen, helpen are the top translations of "servir" into Dutch.
servir
verb
grammar
-
dienen
verbNão se pode servir a um tempo a dois senhores.
Men kan geen twee meesters dienen.
-
bedienen
verbPor conseguinte, é necessário um modelo diferente para servir este mercado.
Om deze markt te bedienen is bijgevolg een ander model vereist.
-
helpen
verbVou servir a quem estava à espera primeiro, está bem?
Ik help de mensen die er eerder waren.
-
Less frequent translations
- genoegen
- serveren
- gaan
- opdienen
- doen
- het ermee doen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "servir" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "servir" with translations into Dutch
-
bediend
-
aanbrengen · aandoen · aantrekken · aanwenden · aanzetten · benutten · doen · doorvoeren · gebruiken · in toepassing brengen · leggen · opbrengen · opleggen · plaatsen · steken · stellen · stoppen · toepassen · voordoen · zetten
Add example
Add