Translation of "kiri" into Dutch
afbreken, afhakken, afhouwen are the top translations of "kiri" into Dutch.
kiri
-
afbreken
verb -
afhakken
verb -
afhouwen
-
Less frequent translations
- afkappen
- afleggen
- aflopen
- afslachten
- bedaren
- bevangen
- bijstellen
- bijsturen
- corrigeren
- de moed ontnemen
- delven
- deprimeren
- doden
- doodmaken
- doodschieten
- doorgaan
- fnuiken
- fusilleren
- gaan door
- geruststellen
- kalmeren
- kappen
- kleinmaken
- moorden
- neerdrukken
- neerhalen
- neerkomen
- neerslachtig maken
- neervellen
- ombrengen
- omhakken
- omkappen
- ontmoedigen
- opduikelen
- opgraven
- overwinnen
- putten uit
- rechtbuigen
- rechtmaken
- rechtzetten
- rectificeren
- rooien
- slachten
- slopen
- terneerdrukken
- uitdoven
- uitgraven
- uitputten
- vellen
- verbeteren
- vermoorden
- vernederen
- verootmoedigen
- verslaan
- verzwakken
- winnen
- wippen
- zegevieren
-
Show algorithmically generated translations
Add example
Add