Translation of "tron" into Dutch

troon, trône, troon are the top translations of "tron" into Dutch.

tron noun common grammar
+ Add

Swedish-Dutch dictionary

  • troon

    noun masculine

    De zetel van een vorst, symbool of zijn macht en waardigheid.

    Ingen kung eller kejsare har suttit pa en mer praktfull tron.

    Geen koning of keizer heeft ooit op zo'n kostbare troon gezeten.

  • trône

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "tron" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

Tron
+ Add

Swedish-Dutch dictionary

  • troon

    noun verb

    Tronen är min tack vare er och jag är tacksam.

    Ik heb mijn troon dankzij jullie en ben jullie dankbaar.

  • Tron

    Tron (film)

    Vad är namnet på den onda killen från Tron?

    Wat was de naam van de slechterik in Tron?

Phrases similar to "tron" with translations into Dutch

  • goed vertrouwen
  • ongelovige
  • Tro
    geloof · geloven
  • tro
    agnosceren · denken · eerlijkheid · erkennen · fiducie · geloof · geloofsovertuiging · geloven · geloven in · honoreren · houden voor · menen · oprechtheid · vermoeden · vertrouwen · vinden · voorspellen
  • ik denk het niet · ik denk van niet
  • goede trouw
  • ik denk het wel · ik denk van wel
  • Tronen
Add

Translations of "tron" into Dutch in sentences, translation memory