Translation of "Lebenszeit" into Dutch
leeftijd, levenslijd, leven are the top translations of "Lebenszeit" into Dutch.
Lebenszeit
noun
Noun
feminine
grammar
-
leeftijd
noun masculine„Die Beamten auf Lebenszeit treten mit dem Ende des Monats, in dem sie das fünfundsechzigste Lebensjahr vollendet haben (Altersgrenze), in den Ruhestand.“
„Ambtenaren worden gepensioneerd aan het einde van de maand waarin zij de leeftijd van 65 jaar (leeftijdsgrens) hebben bereikt.”
-
levenslijd
noun -
leven
verb nounInstinktiv nehmen sie diese Interessen während einer begrenzten, aber sie befriedigenden Lebenszeit wahr.
Instinctief behartigen ze gedurende hun beperkte doch voldoening schenkende leven deze belangen.
-
Less frequent translations
- levensduur
- levenstijd
- ouderdom
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Lebenszeit" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "Lebenszeit" with translations into Dutch
-
senator voor het leven
-
voor het leven
-
voor het leven benoemd
Add example
Add