Translation of "Passen" into Dutch

Passing, passen, aanpassen are the top translations of "Passen" into Dutch.

Passen
+ Add

German-Dutch dictionary

  • Passing

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "Passen" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

passen verb grammar

taugen (umgangssprachlich) [..]

+ Add

German-Dutch dictionary

  • passen

    verb

    precies de goede maat zijn, erin kunnen [..]

    Das ist zu klein, um auf deinen Kopf zu passen.

    Dat is te klein om op je hoofd te passen.

  • aanpassen

    verb

    Die Mitgliedstaaten passen die nationalen Infrastrukturen an und entwickeln sie.

    De nationale infrastructuren worden door de lidstaten aangepast en ontwikkeld.

  • overeenstemmen

    verb

    Zerquetsche Luftröhre und Bluterguss am Hals passend zur Strangulation.

    Blauwe plekken op de hals, verpletterde luchtpijp, overeenstemmend met wurging.

  • Less frequent translations

    • schikken
    • aanstaan
    • behoren
    • betamen
    • horen
    • uitkomen
    • fit
    • passend maken
    • goed zitten

Phrases similar to "Passen" with translations into Dutch

  • let op je woorden!
  • pas · paspoort · sleutelkaart
  • pas · pass · passeren
  • Grants Pass
  • pas
  • hij komt en gaat zoals het hem uitkomt
  • Vršič-pas
  • adequaat · afgepast · behoorlijk · bekwaam · betamelijk · bruikbaar · capabel · competent · doelmatig · eerlijk · fatsoenlijk · gelegen · gemakkelijk · gepast · gerieflijk · geschikt · geschikte · geëigend · goed · juist · keurig · netjes · pas · pasklaar · passend · passende · recht · terecht · toepasselijk · treffend · voegzaam · welvoeglijk
Add

Translations of "Passen" into Dutch in sentences, translation memory