Translation of "Steak" into Dutch
biefstuk, steak, runderlapje are the top translations of "Steak" into Dutch.
Steak
noun
Noun
neuter
grammar
-
biefstuk
noun masculinezum Kurzbraten oder Grillen geeignete Fleischscheibe vom Rind [..]
Er aß das Steak auf und bestellte ein weiteres.
Hij at de biefstuk op en bestelde er nog een.
-
steak
noun masculineEen snee vlees gesneden uit het vlezig gedeelte van een koe.
Das Steak ist durchgebraten.
De steak is goed doorbakken.
-
runderlapje
Een snee vlees gesneden uit het vlezig gedeelte van een koe.
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Steak" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "Steak" with translations into Dutch
-
Vanglap
-
ribeye
Add example
Add