Translation of "Strecken" into Dutch

Uitrekken, rek, strekken are the top translations of "Strecken" into Dutch.

Strecken noun grammar
+ Add

German-Dutch dictionary

  • Uitrekken

    proportional ohne Strecken oder Stauchen skaliert wird.

    gelijkmatig wordt vergroot of verkleind, zonder dat deze daarbij wordt uitgerekt of gecomprimeerd.

  • rek

    noun masculine

    Ein motorisierter Zugtisch zum Strecken der Wirbelsäule.

    Een rektafel om de ruggegraat uit te rekken.

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "Strecken" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

strecken verb grammar

(sich) erstrecken [..]

+ Add

German-Dutch dictionary

  • strekken

    verb

    Ich streckte meine Hand nach dem Buch aus.

    Ik strekte mijn hand uit naar het boek.

  • rekken

    verb

    Jetzt wünsche ich mir, einen Cappuccino bestellt zu haben, den hätte ich länger strecken können.

    Ik wou dat ik een cappuccino had besteld, dan had ik het langer kunnen rekken.

  • ophouden

    verb
  • Less frequent translations

    • uitstrekken
    • uitsteken
    • uitbreiden
    • spreiden
    • versnijden
    • smeren
    • uitspreiden
    • ontrollen
    • vergroten
    • aanlengen
    • groeien
    • groter worden
    • langer worden
    • neerleggen
    • opsteken
    • uitrollen
    • vellen
    • zich strekken
    • zich uitstrekken
    • uitbouwen
    • besmeren
    • doorsmeren
    • verdunnen
    • verwateren
    • ontvouwen
    • afwikkelen
    • uitrekken
    • rechtzetten
    • spreidbeweging
    • spannen
    • zich uitrekken

Phrases similar to "Strecken" with translations into Dutch

  • een heel eind
  • langgerekt · langwerpig
  • gestrekt
  • ad interim · afstand · baan · baanvak · buit · eenbaansweg · eind · galerij · heerbaan · hoofdweg · interval · jachtbuit · lengte · lijn · lijnstuk · linie · mijngang · parcours · rechte · rijweg · route · schreef · segment · snoer · spatie · spoor · straatweg · streep · tracé · traject · tussenpoos · tussenruimte · tussentijd · wandeling · weg
  • strekken · zich uitrekken · zich uitstrekken
  • grotendeels
  • ad interim · afstand · baan · baanvak · buit · eenbaansweg · eind · galerij · heerbaan · hoofdweg · interval · jachtbuit · lengte · lijn · lijnstuk · linie · mijngang · parcours · rechte · rijweg · route · schreef · segment · snoer · spatie · spoor · straatweg · streep · tracé · traject · tussenpoos · tussenruimte · tussentijd · wandeling · weg
Add

Translations of "Strecken" into Dutch in sentences, translation memory