Translation of "Trug" into Dutch
bedriegerij, bedrog, misleiding are the top translations of "Trug" into Dutch.
-
bedriegerij
noun feminineSie haben an Trug festgehalten;+ sie haben sich geweigert umzukehren.
Zij hebben zich vastgeklampt aan bedriegerij;+ zij hebben geweigerd terug te keren.
-
bedrog
noun neuterUnd deine Zunge hältst du an Trug geheftet.
En uw tong laat gij aan bedrog verbonden blijven.
-
misleiding
noun feminineNirgends; die Unsicherheit war entflohen, der Zweifel war dahingesunken und konnte sich nie mehr erheben, während Trug und Schein für immer geflohen waren!
Nergens; onzekerheid was gevloden, twijfel was verzonken om niet meer te verrijzen, terwijl verdichtsel en misleiding voor altijd gevloden waren!
-
zinsbedrog
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Trug" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
"trug" in German - Dutch dictionary
Currently, we have no translations for trug in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.
Phrases similar to "Trug" with translations into Dutch
-
bezorgd zijn · zich bekommeren · zorg dragen · zorgen
-
het risico dragen · risico dragen
-
op de post doen · posten
-
etaleren · tentoonspreiden
-
aanbotsen · aandoen · aandraaien · aangeven · aanhebben · aanreiken · aansteken · aantrekken · afwerpen · baren · beer · brengen · doneren · doorbrengen · dragen · drijven · geduwd worden · geven · hebben · inschakelen · jagen · koesteren · met · opbrengen · opleveren · overdragen · rondlopen · schakelen · schenken · slijtage · te dragen zijn · toebrengen · toekennen · torsen · uitgaan · uitgerust · uitgerust zijn met · uitkomen · uitlopen · uitstappen · uitstijgen · uittreden · verdragen · verdrijven · verduren · verlenen · voeren · volhouden · voorhebben · zich stoten · zijn
-
hij draagt de naam van zijn moeder
-
baar · brancard · draagbaar · draagbed · draagstoel
-
vruchtdragend