Translation of "Versagen" into Dutch

mislukking, faling, falen are the top translations of "Versagen" into Dutch.

Versagen noun neuter grammar

Schuss in den Ofen (umgangssprachlich)

+ Add

German-Dutch dictionary

  • mislukking

    noun feminine

    Nichterfüllen von Anforderungen

    Aber wie mein Versagen anstieg, so auch mein Verlangen.

    Zoals mijn mislukkingen toenamen, nam ook mijn hunkering toe.

  • faling

    noun feminine

    Sie rechtfertigen Ihr Versagen, indem Sie dem Feind schmeicheln?

    Verantwoordt je je faling door je vijand op te hemelen?

  • falen

    verb noun

    Er gab Anderen die Schuld an seinem eigenen Versagen.

    Hij gaf anderen de schuld voor zijn eigen falen.

  • Less frequent translations

    • mankement
    • tekortkoming
    • weigering
    • fout
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "Versagen" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

versagen verb grammar

floppen (umgangssprachlich) [..]

+ Add

German-Dutch dictionary

  • weigeren

    verb

    Die Zustimmung darf nur versagt werden, wenn die geplante Veröffentlichung geeignet ist, die Interessen von Europol zu beeinträchtigen.

    Deze machtiging kan alleen worden geweigerd indien de beoogde publicatie de belangen van Europol zou kunnen schaden.

  • afwijzen

    verb

    Diesen Klagegründen ist daher der Erfolg zu versagen, ohne dass über ihre Zulässigkeit entschieden zu werden braucht.

    Deze middelen dienen dus te worden afgewezen zonder dat uitspraak behoeft te worden gedaan over de ontvankelijkheid ervan.

  • vertikken

    verb
  • Less frequent translations

    • terugwijzen
    • afkeuren
    • falen
    • verwerpen
    • terugbezorgen
    • heruitzenden
    • wraken
    • retourneren
    • afslaan
    • terugsturen
    • verdringen
    • nee zeggen tegen
    • weerleggen
    • ciseleren
    • verduwen
    • wegstoten
    • kotsen
    • spugen
    • wegdringen
    • wegduwen
    • vergooien
    • uitdrijven
    • wegdrijven
    • het laten afweten
    • het niet doen
    • in gebreke blijven
    • niet toestaan
    • onthouden
    • ontzeggen
    • verzaken
    • wegwerpen
    • wegjagen
    • weggooien
    • verdrijven
    • verjagen
    • ontzenuwen
    • braken
    • overgeven
    • afstoten
    • terugdringen
    • weren
    • het oneens zijn
    • het verdommen
    • mislukken
    • tekortschieten
    • verbieden
    • failleren
    • floppen
    • vomeren
    • mankeren
    • afgaan
    • bankroet gaan
    • failliet gaan
    • begeven
    • feilen
    • onderuitgaan

Phrases similar to "Versagen" with translations into Dutch

Add

Translations of "Versagen" into Dutch in sentences, translation memory