Translation of "abnehmen" into Dutch
afnemen, afvallen, amputeren are the top translations of "abnehmen" into Dutch.
abspecken (umgangssprachlich) [..]
-
afnemen
verb(Van een hoeveelheid) minder worden.
Sein Schuldgefühl hat abgenommen.
Zijn schuldgevoel was afgenomen.
-
afvallen
verbGewicht verliezen.
Wenn man abnehmen möchte, muss man darauf achten, was man isst.
Als je wil afvallen, moet je letten op wat je eet.
-
amputeren
verbDann sagt mir Dr. Bashir plötzlich, dass er mir das Bein abnehmen muss.
Tot dr Bashir mij plots vertelt dat hij m'n been moet amputeren.
-
Less frequent translations
- afzetten
- afpakken
- wegsnijden
- verminderen
- afhalen
- wegnemen
- rissen
- ritsen
- weghalen
- achteruitgaan
- aanvaarden
- accepteren
- demonteer
- afslanken
- inhouden
- aftellen
- korten
- afdoen
- afgaan
- afkopen
- aftappen
- controleren
- dalen
- in verval raken
- inspecteren
- keuren
- lijnen
- maken
- minderen
- nemen
- opnemen
- uit handen nemen
- aftrekken
- afsteken
- afsnijden
- teruglopen
- vermageren
- slinken
- minder worden
- afname
- verwijderen
- krimpen
- verzwakken
- oppakken
- ontnemen
- afzwakken
- verlopen
- terrein verliezen
- ontheffen
- afstijgen
- uitkappen
- uitteren
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "abnehmen" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
des Hutes
"Abnehmen" in German - Dutch dictionary
Currently, we have no translations for Abnehmen in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.
Images with "abnehmen"
Phrases similar to "abnehmen" with translations into Dutch
-
afnemend · naar linker zijde gekeerd
-
afgenomen zijn · afgevallen zijn
-
de telefoon opnemen
-
vingerafdrukken nemen
-
biecht afnemen