Translation of "ankleiden" into Dutch
aankleden, kleden, omkleden are the top translations of "ankleiden" into Dutch.
(sich) werfen in (umgangssprachlich)
-
aankleden
verbIets of iemand kleding aantrekken.
Ich sollte mich ankleiden, sonst versäumen wir noch die Party.
Ik ga me aankleden anders missen we het feestje.
-
kleden
verbIets of iemand kleding aantrekken.
Beeilen Sie sich und ist angekleidet, ist das Gebet ungefahr, anzufangen!
Schiet op en wordt gekleed, het gebed is ongeveer te beginnen!
-
omkleden
verbWieso bist du noch nicht angekleidet?
Waarom ben je nog niet omgekleed?
-
Less frequent translations
- staan
- bekleden
- aantrekken
- bepleisteren
- overtrekken
- pleisteren
- stukadoren
- aandoen
- opbrengen
- accepteren
- aanbrengen
- opleggen
- aannemen
- ontvangen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "ankleiden" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
Kleidung, Schuhe, Orden, Kleiderfarbe, Kleiderstoff etc.
"Ankleiden" in German - Dutch dictionary
Currently, we have no translations for Ankleiden in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.
Phrases similar to "ankleiden" with translations into Dutch
-
aankleden · kleden