Translation of "aufregen" into Dutch

opwinden, prikkelen, aanwakkeren are the top translations of "aufregen" into Dutch.

aufregen verb grammar

zur Weißglut treiben (umgangssprachlich) [..]

+ Add

German-Dutch dictionary

  • opwinden

    verb

    Het uitlokken of opwekken van emoties of gevoelens.

    Wir waren so aufgeregt, dass wir nicht still sitzen konnten.

    We waren zo opgewonden dat we niet stil konden zitten.

  • prikkelen

    verb

    Het uitlokken of opwekken van emoties of gevoelens.

    Er darf sich nicht aufregen, sondern muß das Problem ertragen, bis es erledigt ist.

    Hij moet de moeilijkheid verdragen totdat die uit de weg is geruimd, zonder geprikkeld te raken.

  • aanwakkeren

    verb
  • Less frequent translations

    • verhitten
    • werken op
    • beroeren
    • verontrusten
    • zich opwinden
    • kwaad maken
    • overstuur maken
    • van zijn stuk brengen
    • vertoornen
    • opzetten
    • op stang jagen
    • rechtop zetten
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "aufregen" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

Aufregen Noun grammar
+ Add

"Aufregen" in German - Dutch dictionary

Currently, we have no translations for Aufregen in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.

Phrases similar to "aufregen" with translations into Dutch

  • opwinden
  • betoverend · boeiend · fascinerend · opwindend · spannend
  • geagiteerd · geestdriftig · gejaagd · geëmotioneerd · nerveus · onrustig · opgedraaid · opgewonden · rumoerig · uitgelaten · zenuwachtig
Add

Translations of "aufregen" into Dutch in sentences, translation memory