Translation of "auszahlen" into Dutch
uitbetalen, betalen, uitkeren are the top translations of "auszahlen" into Dutch.
auszahlen
verb
grammar
lohnenswert (sein) [..]
-
uitbetalen
verbIch investiere hier meine wertvolle Zeit und erwarte, dass sich das auszahlt.
Ik stop hier kostbare tijd in en verwacht dat zich dat uitbetaalt.
-
betalen
verbFakt ist auch, dass mindestens 3 % der Gelder nicht hätten ausgezahlt werden dürfen.
Daarnaast is het een feit dat minimaal 3 procent van het geld helemaal niet betaald had mogen worden.
-
uitkeren
verbSoweit ich weiß, wurde diese Summe noch nicht ausgezahlt.
Voorzover ik weet is dat geld nog niet uitgekeerd.
-
Less frequent translations
- storten
- dokken
- afkopen
- de moeite lonen
- renderen
- voldoen
- lonen
- opbrengen
- uitkopen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "auszahlen" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "auszahlen" with translations into Dutch
-
pensioen uitbetalen
Add example
Add