Translation of "belasten" into Dutch

belasten, debiteren, laden are the top translations of "belasten" into Dutch.

belasten verb grammar

schlauchen (mit) (umgangssprachlich) [..]

+ Add

German-Dutch dictionary

  • belasten

    verb

    gewichten plaatsen op

    Damit würden sie zwangsläufig die Umwelt belasten, was die Nitratrichtlinie verhindern soll.

    Hierdoor zouden zij onvermijdelijk het milieu belasten, en dat wil de nitraatrichtlijn juist voorkomen.

  • debiteren

    verb

    Een negatieve boeking op een rekening uitvoeren.

    Die Zahlung gilt als an dem Tag geleistet, an dem das Konto des Organs belastet wird.

    Onder datum van betaling wordt verstaan de datum waarop de rekening van de instelling wordt gedebiteerd.

  • laden

    verb

    Sie hat sich belastet, hat diese Null gedeckt.

    Ze laadde de verdenking op zich om die mislukkeling te dekken.

  • Less frequent translations

    • inladen
    • drukken
    • bezwaren
    • beladen
    • delen
    • verkopen
    • afbreken
    • afschrijven
    • verzwaren
    • opsplitsen
    • splitsen
    • verdelen
    • omzetten
    • last
    • ballasten
    • chargeren
    • debet
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "belasten" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "belasten" with translations into Dutch

Add

Translations of "belasten" into Dutch in sentences, translation memory