Translation of "bewohnen" into Dutch
bewonen, inwonen, wonen are the top translations of "bewohnen" into Dutch.
bewohnen
verb
grammar
-
bewonen
verbAuf der ganzen bewohnten Erde predigen — wie würde das erreicht werden?
Prediken op de gehele bewoonde aarde — hoe kon dit verwezenlijkt worden?
-
inwonen
-
wonen
verbUnd sie werden das Land und was es füllt, überfluten, die Stadt und die, die sie bewohnen.
En ze zullen het land overstromen en dat wat het vult, de stad en degenen die erin wonen.
-
Less frequent translations
- bevolken
- huizen
- resideren
- gevestigd zijn
- bezetten
- beslaan
- bekleden
- bezig houden
- in beslag nemen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "bewohnen" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "bewohnen" with translations into Dutch
-
bewoond
-
ver van de bewoonde wereld
Add example
Add