Translation of "bus" into Dutch
bus, autobus, autocar are the top translations of "bus" into Dutch.
Bus
noun
masculine
grammar
Autobus (österr.) [..]
-
bus
noun masculineelectronica [..]
Ich hatte genug zu tun, um den letzten Bus zu kriegen.
Het was al moeilijk genoeg om de laatste bus te halen.
-
autobus
noun masculineEen groot, lang motorvoertuig, uitgerust met zitplaatsen voor passagiers, meestal ingezet als onderdeel van een geregelde dienst. [..]
Mein zweiter Punkt betrifft die Ausnahmeregelung für die Lenkzeiten bei Bussen.
Mijn tweede onderwerp gaat over de afwijking van de rijtijden voor autobussen.
-
autocar
Komm, der Bus fährt ab.
Kom dan toch, de autocar gaat vertrekken.
-
Less frequent translations
- omnibus
- stadsbus
- reisbus
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "bus" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "bus"
Phrases similar to "bus" with translations into Dutch
-
VESA Local Bus
-
virtuele-machinebus
-
Daewoo Bus
-
Volkswagen Transporter
-
penitentie
-
Hausen am Bussen
-
autobus · autocar · bus
-
trolleybus
Add example
Add