Translation of "durchgehen" into Dutch
doorgaan, aflopen, afleggen are the top translations of "durchgehen" into Dutch.
durchgehen
verb
grammar
durchseihen (durch ein Sieb) [..]
-
doorgaan
verbEr kann als Weißer durchgehen.
Hij kan voor blank doorgaan.
-
aflopen
verb -
afleggen
verb
-
Less frequent translations
- gaan door
- onderzoeken
- doorlezen
- nagaan
- nakijken
- uitzoeken
- overwinnen
- afhakken
- afhouwen
- deprimeren
- doodmaken
- examineren
- fusilleren
- omkappen
- opduikelen
- uitvissen
- verootmoedigen
- kleinmaken
- neervellen
- omhakken
- terneerdrukken
- afkappen
- doodschieten
- neerdrukken
- opgraven
- vorsen
- afslachten
- bevangen
- ombrengen
- wippen
- kalmeren
- uitgraven
- bedaren
- exploreren
- rooien
- doorbladeren
- doorlopen
- doornemen
- erdoor gaan
- hollen
- meemaken
- nalopen
- nazien
- vernederen
- volgen
- neerhalen
- uitputten
- fnuiken
- geruststellen
- zegevieren
- slopen
- delven
- kappen
- slachten
- afbreken
- verslaan
- doorkruisen
- verzwakken
- ontmoedigen
- doden
- vellen
- winnen
- neerkomen
- de moed ontnemen
- nauwkeurig onderzoeken
- neerslachtig maken
- putten uit
- rijden door
- op hol slaan
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "durchgehen" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "durchgehen" with translations into Dutch
-
continu · doorgaand · doorlopend · onafgebroken · ononderbroken · verbonden
Add example
Add