Translation of "entscheiden" into Dutch
beslissen, besluiten, uitmaken are the top translations of "entscheiden" into Dutch.
entscheiden
verb
grammar
Farbe bekennen (umgangssprachlich) [..]
-
beslissen
verbHet bereiken, maken, of het komen tot een beslissing over iets.
Das Leben beginnt, wenn man entscheidet, was man von ihm erwartet.
Het leven begint, wanneer je beslist wat je ervan verwacht.
-
besluiten
verbHet bereiken, maken, of het komen tot een beslissing over iets.
Er entschied, seine Abdankung einzureichen.
Hij besloot zijn ontslag aan te bieden.
-
uitmaken
verbDie Frage ist natürlich, wer entscheidet, was falsch oder richtig ist.
De vraag is natuurlijk wie er uitmaakt wat verkeerd is of juist.
-
Less frequent translations
- kiezen
- zich voornemen
- verkiezen
- uitkiezen
- uitlezen
- afdoen
- bepalen
- beschikken
- beslist worden
- de doorslag geven
- de voorkeur geven
- een beslissing nemen
- rechtspreken
- uitwijzen
- uitzoeken
- oriënteren
- uitpikken
- oordelen
- beoordelen
- arbitreren
- jureren
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "entscheiden" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "entscheiden" with translations into Dutch
-
beslist
-
dat was bepalend voor het verdere verloop
-
beslissen · besluiten · kiezen
-
arbitrage · beslissing · uitspraak · vonnis
-
bepaald · beslissend · beslist · besloten · cruciaal · definitief · finaal · gedecideerd · onherroepelijk · onverbiddelijk · overduidelijk · overtuigend · pertinent · resoluut · stellig · uitgemaakt · vastberaden · vastbesloten · verklaard · voldongen · zonder verhaal
-
zij weigerde pertinent
-
afdoend · bepalend · beslissend · cruciaal · definitief · determinerend · doorslaggevend · essentieel · finaal · hachelijk · kritiek · onherroepelijk · stringent · van overwegend belang · vast
-
tot een besluit komen
Add example
Add