Translation of "klingeln" into Dutch
bellen, klinken, aanbellen are the top translations of "klingeln" into Dutch.
bimmeln (umgangssprachlich)
-
bellen
verbde deurbel over laten gaan
Ich sah gerade fern, als das Telefon klingelte.
Ik keek naar de televisie toen de telefoon belde.
-
klinken
verbUnd bei mir klingelte was, also grub ich etwas.
Het klonk bekend, dus begon ik te graven.
-
aanbellen
verbbij iemand (aan de deur) bellen
Ich dachte du bist einer von diesen kleinen Pissern, die klingeln und dann wegrennen.
Ik dacht dat het die kwajongens waren, die elke keer aanbellen en dan wegrennen.
-
Less frequent translations
- overgaan
- schellen
- luiden
- gaan
- rinkelen
- aflopen
- ring
- slaan
- kleppen
- galmen
- schalmen
- beieren
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "klingeln" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
Klopfen (Motor)
-
bellen
verb noun neuterIch sah gerade fern, als das Telefon klingelte.
Ik keek naar de televisie toen de telefoon belde.
-
belsignaal
Phrases similar to "klingeln" with translations into Dutch
-
bel · belletje · deurbel · huisbel · klingel · klok · klokje · rinkelbel · schel · zoemer
-
de bel gaat · er wordt gebeld
-
klokje
-
de telefoon gaat · de telefoon gaat over